Blootstellingslimieten voor elektromagnetische velden

Elektromagnetische velden van antennes kunnen het lichaam opwarmen. Dat kan slecht zijn voor uw gezondheid en daarom zijn er blootstellingslimieten. U mag niet worden blootgesteld aan elektromagnetische straling boven deze limieten.

De blootstellingslimieten voor elektromagnetische straling

De warmteontwikkeling in het lichaam door elektromagnetische velden is afhankelijk van de volgende factoren:

  • Frequentie: een hogere frequentie geeft minder warmteontwikkeling.
  • De fysieke afstand tot de antennes in masten of op daken: een grotere afstand betekent ook minder warmteontwikkeling.
  • De afstand en de 'obstakels' tussen mobiele telefoon en zendmast of wifi-router: hoe kleiner de afstand en hoe minder 'obstakels', hoe minder vermogen de telefoon gebruikt om verbinding te maken. Hoe minder vermogen, hoe minder warmteontwikkeling.

De strengste blootstellingslimiet is 28 volt per meter (V/m). Deze limiet geldt voor antennes van radio, televisie en hulpverleningsdiensten (C2000). Deze antennes zenden met een frequentie van 10 tot 400 MHz.

De limieten voor antennes voor mobiele communicatie lopen op tot 61 V/m. Dit zijn de frequenties 900 MHz, 1800 MHz en 2000 Mhz tot 300 GHz. WiFi valt hier ook onder.

Het lichaam mag niet worden blootgesteld aan hogere veldsterkten dan de genoemde limieten.

Vaststellen en evalueren blootstellingslimieten

In 1998 heeft een internationale groep wetenschappers bepaald wat de maximale toegestane elektromagnetische veldsterkte is, de zogenaamde blootstellingslimieten. Deze groep heet de International Commission on Non-Ionizing Radiation Protection (ICNIRP). Nederland hanteert deze limieten op advies van de Raad van de Europese Unie. De aanbeveling 1999/519/EG (pdf, 164,7 kB) is voor de bevolking, richtlijn 2013/35/EU  (pdf, 890 kB) is voor werknemers die in de buurt van antennes werken.

De ICNIRP toetst met regelmaat of het nodig is de limieten aan te passen. Tot nu toe was dit niet nodig. In 2018 evalueren ze opnieuw de limieten. De uitkomsten van deze evaluatie verwacht de ICNIRP in de eerste helft van 2018. In haar nieuwsbericht 'Revision of hf guidelines 2017' staat meer informatie over het toesten en eventueel aanpassen van de blootstellingslimieten.

Uitgangspunten vaststellen blootstellingslimieten

  • De SAR-waarde (Specific Absorption Rate). Dit is een maat voor de hoeveelheid energie die door het lichaam wordt opgenomen als het zich in een elektromagnetisch veld bevindt.
  •  Er is rekening gehouden met kwetsbare groepen als kinderen, zwangere vrouwen, ouderen en zieken. In de limieten is hiervoor een veiligheidsfactor van 50 berekend.

Vergelijking blootstellingslimieten met andere landen

Sommige landen maken op basis van dezelfde wetenschappelijke kennis andere beleidskeuzes. Verschillende politieke en maatschappelijke afwegingen spelen hierbij een rol. Ze kiezen dan voor een hogere veiligheidsfactor dan de veiligheidsfactor 50 van de bloostellingslimieten die Nederland hanteert.

Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) heeft de blootstellingslimieten die Nederland hanteert vergeleken met andere landen. U leest dit in het document Comparison of international policies on electromagnetic fields op de website van het RIVM.