Het radiofrequentiespectrum behoort tot het werkveld van het Antennebureau. Het elektromagnetisch spectrum bestaat echter uit meer dan alleen radiogolven. Die elektromagnetische velden komen hier kort aan de orde.
Laagfrequente elektromagnetische velden
Het elektromagnetisch spectrum begint bij de elektromagnetische velden met een
lage frequentie. Het gaat hier om frequenties tussen de 0 en 300 Hz (extreem
laagfrequente elektromagnetische velden, ELF) en frequenties tussen de 300 Hz en
30 kHz (zeer laagfrequente elektromagnetische velden, VLF). Een frequentie van 0
Hz noemen we het statische veld: er is geen golfbeweging. Een voorbeeld hiervan
is het magnetische veld van de aarde.
De meeste laagfrequente elektromagnetische velden worden kunstmatig opgewekt. Ze ontstaan onder andere bij de opwekking, het transport en het gebruik van elektriciteit. De golflengte van deze velden is erg lang: bij een frequentie van 50 Hz is de golflengte wel 6000 km.
Voorbeelden van toepassingen waar een laagfrequent elektromagnetisch veld omheen hangt, zijn beeldschermen van tv en computer en hoogspanningslijnen.
Hoogspanningslijnen, die elektromagnetische velden met een extreem lage frequentie voortbrengen, worden gebruikt om elektriciteit van een energiecentrale naar de gebruiker te transporteren. Op de website van het Kennisplatform Elektromagnetische Velden en Gezondheid vindt u meer informatie over hoogspanning en elektromagnetische velden.
Radiofrequentiespectrum
De elektromagnetische velden tussen de laagfrequente elektromagnetische velden
en het infrarode licht behoren tot het radiofrequentiespectrum. Een uitgebreide
beschrijving van dit spectrum vindt u hier.
Infrarood licht
Elektromagnetische velden met een frequentie tussen de 3 - 430 THz (terahertz)
behoren tot het infrarode gebied van het elektromagnetisch spectrum. Infrarood
licht is niet met het blote oog waar te nemen. Wel zijn infrarode stralen te
voelen, in de vorm van warmte.
Een groot deel van de energie die van de zon af komt, bestaat uit infrarode stralen. Ook mens en dier stralen infrarood licht uit. Voorwerpen en stoffen absorberen infrarode stralen en geven deze vervolgens weer vrij.
Zichtbaar licht
Zichtbaar licht bestaat uit elektromagnetische velden die waargenomen kunnen
worden met het blote oog. Het zichtbare licht neemt in vergelijking met de
andere ‘soorten’ elektromagnetische velden weinig ruimte in beslag binnen het
spectrum. Tot het zichtbare licht worden elektromagnetische velden met een
frequentie tussen de 430 - 750 THz (terahertz) gerekend.
De belangrijkste bron van zichtbaar licht is de zon. Daarnaast wordt zichtbaar licht veelvuldig kunstmatig opgewekt.
Ultraviolet licht
Net voorbij de frequenties van het zichtbare licht liggen elektromagnetische
velden behorend tot het ultraviolette licht. Het gaat hier om velden met een
frequentie tussen de 750 THz - 30 PHz (picohertz).
Ook van ultraviolet licht is de zon de belangrijkste bron. Daarnaast wordt kunstmatig opgewekt ultraviolet licht gebruikt voor bijvoorbeeld de zonnebank en het kopieerapparaat.
Niet-ioniserende stralen en ioniserende straling
Binnen het spectrum van het ultraviolette licht bevindt zich de grens tussen
niet-ioniserende stralen en ioniserende straling. Het woord ‘straling’ wordt
gebruikt voor elektromagnetische golven met zo’n hoge concentratie energie, dat
deze schade aan levend weefsel toe kunnen brengen. De grens ligt bij een
frequentie van 3 PHz (picohertz). Alle frequenties onder de 3 PHz zijn
niet-ioniserend te noemen, alles boven de 3 PHz is ioniserende straling.
Röntgenstraling
De elektromagnetische velden van röntgenstraling werken op frequenties tussen 30
PHz - 3 EHz (exahertz). Dat betekent dat röntgenstraling ioniserend is, en dus
schade toe kan brengen aan weefsel. Dit gebeurt bij blootstelling aan grote
hoeveelheden van deze straling. Daarom is het noodzaak er voorzichtig mee om te
gaan.
Gammastraling
Het elektromagnetisch spectrum eindigt bij gammastraling. Dit zijn
elektromagnetische velden met een ultrahoge frequentie (>3 EHz) die vrijkomen
uit atoomkernen. Gammastralen zijn ioniserend en dringen vrijwel door alles
heen. Daarom is het raadzaam voorzichtig met deze straling om te gaan