Een mobiele operator mag niet zomaar een vergunningvrije antenne-installatie op een woongebouw* met huurders plaatsen. Vooraf moet instemming aan de bewoners van het gebouw worden gevraagd. Dat gebeurt met een instemmingsprocedure.
Bij een instemmingsprocedure krijgen alle woningen van het woongebouw een informatiepakket met een instemmingsformulier toegestuurd. De procedure vraagt geen actieve instemming van de bewoners. Degenen die bezwaar maken tegen de plaatsing van de antenne, kunnen dit middels de stemprocedure actief duidelijk maken. Bewoners die hun stem niet gebruiken, hebben geen bezwaar tegen de voorgenomen plaatsing.
Coördinatie procedure
Wanneer de helft plus 1 van alle woningen (dus niet alleen van het aantal
uitgebrachte stemmen) actief tegen plaatsing van een antenne-installatie stemt,
gaat de plaatsing niet door. Een onafhankelijk administratiebureau coördineert
deze instemmingsprocedure en zorgt voor de verspreiding van
instemmingsformulieren. Bewoners kunnen op deze formulieren aangeven of ze al
dan niet instemmen met de plaatsing van één of meerdere antenne-installaties op
hun woongebouw. Het onafhankelijke administratiebureau telt de stemmen.
Per jaar kunnen in het woongebouw maximaal twee instemmingsprocedures plaatsvinden. Bij het vaststellen van het convenant is afgesproken alleen een instemmingsprocedure te houden voor gebouwen waarin in principe 24 uur per dag wordt geleefd. Kantoorgebouwen vallen hier niet onder.
Geldigheid instemming en overdracht antenne-installatie
De instemming voor het plaatsen van een antenne-installatie is 5 jaar geldig. Is
er eenmaal instemming gegeven, dan mag de operator die eigenaar is van de
desbetreffende antenne-installatie deze overdragen aan een andere operator. De
instemming van de huurders voor de betreffende antenne-installatie blijft van
kracht voor de duur waarvoor de instemming nog geldt. Er hoeft in zo'n geval dus
geen nieuwe instemmingsprocedure te worden doorlopen.
Instemming bij verzorgingstehuizen
Wanneer de bewoners van een verzorgingstehuis een individueel, op naam gestelde
huurovereenkomst hebben, wordt een verzorgingstehuis aangemerkt als een
woongebouw met huurders. In dat geval is bij de plaatsing van een
antenne-installatie een instemmingsprocedure verplicht.
In veel gevallen hebben de bewoners van een verzorgingstehuis geen huurovereenkomst gesloten, maar een allesomvattende overeenkomst tot verzorging van de persoon. Bewoning van het verzorgingstehuis is dan slechts een onderdeel. In deze gevallen wordt niet over een woongebouw gesproken en is er geen instemmingsprocedure verplicht.
Instemming bij uitbreiding van antenne-installaties
Wanneer een uitbreiding van een antenne-installatie plaats vindt op een
bestaande bouwvergunningsvrije antenne-installatie, is er geen instemming van de
bewoners nodig. De antenne-eigenaar gebruikt dan het reeds bestaande frame of de
al aanwezige palen om bijvoorbeeld een gsm-antenne uit te breiden met UMTS.
Als een mobiele operator een nieuwe paal of een nieuw frame opstelt voor een antenne, is wel instemming vereist. Ook als een operator een antenne-installatie wil uitbreiden waarvan hij zelf geen eigenaar is, is instemming nodig.
* In het convenant is een woongebouw gedefinieerd als een gebouw waarvan ten minste één woning voor woondoeleinden wordt gebruikt. Deze woning mag geen dienstwoning zijn. Bovendien moet een natuurlijk persoon een individueel op naam gestelde huurovereenkomst hebben voor deze woning. Gebouwen met een Vereniging van Eigenaren kunnen dus ook onder de regeling vallen.